Het begon met een pop, een bomma en een koppige vraag

Elk merk heeft een oorsprongsverhaal. Meestal speelt het zich af in een garage, met twee vrienden en een laptop. Het onze begint bij een bomma, een naaidoos en een pop die dringend een nieuwe garderobe nodig had.

De ontwerpster van dienst was een klein meisje uit Limburg. Ze heette Fina, en ze had over elk kleedje een uitgesproken mening. De pop is nooit meer slecht gekleed de deur uit gegaan.

Hou dat beeld even vast. Het verklaart meer dan je denkt.

 

Een vrouw die alles al gedaan had, behalve dit

Fina Vanbuel werd groot en bleef doen wat ze deed. Op haar 24e stapte ze de kledingwereld in. Eerst als vertegenwoordigster, dan als invoerder van Engelse merken, dan met een eigen boetiek. Tussendoor kleedde ze toneelgezelschappen aan en maakte ze bruidsjurken. Wie ooit een bruid heeft moeten kleden, weet dat je daarna voor niets meer bang bent.

Toen kwamen er drie kinderen, en tien jaar waarin het gezin voorging.

Maar zoiets gaat niet over. Toen de kinderen twaalf waren, begon het weer te kriebelen. Fina wilde terug naar de mode, alleen niet meer op de oude manier. Ze had genoeg van die wereld gezien om te weten wat ze er niet meer van wilde.

Dus stelde ze zichzelf een koppige vraag: waar maak ik kleding van die mooi is, goed zit en waar ik zelf achter kan staan?

Ze legde alles naast elkaar. Biokatoen. Hennep. Gerecycleerd polyester. Zelfs vezels uit melk, en nee, dat is geen grap. Ze kwam uit bij bamboe. In 2014 richtte ze Bamboo Belgium op.

Haar eerste artikel in de pers verscheen in een Japans tijdschrift. Niet in de streekkrant, niet in een Vlaams weekblad, maar in Japan. Fina vindt dat nog altijd een beetje grappig.

 

De vrouw die aan stof kan voelen dat er iets scheelt

Fina ging niet shoppen in een stoffencatalogus. Ze trok naar Portugal en zocht een ingenieur en een wever met wie ze haar eigen stoffen kon ontwikkelen. Vandaag zijn dat er een vijftiental.

En als ze in het atelier op bezoek gaat, blijft ze niet in het kantoortje koffie drinken. Ze gaat tussen de naaisters zitten en werkt mee.

Er is een verhaal dat ze bij ons graag vertellen. Op een dag kreeg Fina een nieuwe levering stof in handen. Ze voelde eraan en zei: dit klopt niet. Op papier was alles in orde. Haar vingers dachten er anders over, en haar vingers hadden gelijk.

Sindsdien heeft ze één toetssteen voor alles wat ze doet: het klopt, of het klopt niet. Daartussen bestaat niets.

"Met al die stappen kan een eerlijk T-shirt geen 20 euro kosten."

 

Ondertussen, in een andere familie

Spoel even terug naar 1954. In Haaltert, een dorp bij Aalst, begint Germaine De Dier jassen te maken. Ze weet het nog niet, maar ze start daarmee een familietraditie die vier generaties zal meegaan.

Haar achterkleinzoon heet Nicolas De Cremer. Hij stapt in 2018 in het familiebedrijf, dat intussen werkkledij maakt. Hij kent het vak zoals je het alleen kent als er thuis aan tafel over naden en levertermijnen gepraat werd.

En hij ziet iets wat hem dwarszit. Kleding waar uren vakwerk in zit, wordt behandeld als iets om weg te gooien. Wie het goedkoopst is, wint. Wie het goed doet, mag het uitleggen.

Nicolas en Fina kenden elkaar al sinds 2015, van een bijeenkomst van de Belgische modefederatie. Hij ging een paar jaar later eens bij haar kijken. Hij zag wat ze deed, vond het knap, en reed weer naar huis. Soms heeft een goed idee wat tijd nodig.

 

De koffie

In 2026 gaat de telefoon. Het is Fina. Of hij eens een koffie komt drinken.

Ze wil haar levenswerk doorgeven, vertelt ze. Niet aan wie het meest biedt, wel aan iemand die weet wat een goede naad is en die haar overtuiging deelt. Nicolas zoekt op dat moment precies dit: kleding waar mensen bewust voor kiezen, en een keten die hij van begin tot einde kan laten zien.

Het moet een goede koffie geweest zijn.

 

En nu?

Nu is er Bebambo. Fina tekent en ontwikkelt de collectie en de stoffen, zoals ze dat altijd gedaan heeft. Nicolas zorgt ervoor dat die kleding haar weg vindt naar winkels en naar jou.

Wat we maken, is eenvoudig uit te leggen. Tijdloze stukken in viscose van bamboe, zacht om te dragen, in kleuren die je over drie jaar nog altijd mooi vindt. Geen twee collecties per jaar, geen trends die je moet bijbenen. Wel een T-shirt dat je bij alles past en een winkel die het volgend jaar nog kan bijbestellen.

We weten wie onze stof breit, wie ze verft en wie ze in elkaar zet. Dat vertellen we je graag, tot je er genoeg van hebt.

Maar je hoeft ons niet op ons woord te geloven. Doe zoals Fina: voel aan de stof.

Ontdek de collectie

— Nicolas De Cremer